Wat is er veranderd?
Verordening (EU) 2024/573 vervangt verordening (EU) nr. 517/2014. Het doel is hetzelfde: minder uitstoot van gefluoreerde broeikasgassen. De nieuwe verordening beperkt de hoeveelheid F-gassen op de markt verder, verbiedt meer soorten apparatuur met F-gassen en vraagt dat opleiding en certificering ook ingaan op alternatieven, zoals natuurlijke koudemiddelen.
Voor de installateur blijft de kern gelijk: wie aan apparatuur met F-gassen werkt, is gecertificeerd, voert lekcontroles op tijd uit en legt alles vast. Of een installatie onder de lekcontrole valt, hangt af van de vulling in ton CO2-equivalent, niet van het aantal kilo's.
Lekcontroles: de termijn volgt uit de CO2-equivalent
De CO2-equivalent is de vulling in kilo maal de GWP (het aardopwarmingsvermogen) van het koudemiddel, gedeeld door duizend. Een koudemiddel met een GWP van 2.000 en een vulling van 3 kg geeft dus 6 ton CO2-equivalent. Daaruit volgt hoe vaak een circuit een lekcontrole krijgt:
| Vulling vanaf | Zonder lekdetectiesysteem | Met lekdetectiesysteem |
|---|---|---|
| 5 ton CO2-eq. | Elke 12 maanden | Elke 24 maanden |
| 50 ton CO2-eq. | Elke 6 maanden | Elke 12 maanden |
| 500 ton CO2-eq. | Elke 3 maanden | Elke 6 maanden |
Vanaf 500 ton CO2-equivalent is een lekdetectiesysteem verplicht, en dat systeem moet zelf ook periodiek worden gecontroleerd. Voor hermetisch gesloten apparatuur gelden andere drempels.
Lek gevonden: herstellen en opnieuw controleren
Vind je een lek, dan moet het zo snel mogelijk worden hersteld. Daarna controleert een gecertificeerde monteur binnen een maand of de reparatie goed is. Leg de reparatie en de hercontrole allebei vast.
Wat je moet registreren
Voor elke installatie die onder de lekcontrole valt, houdt de exploitant een registratie bij: het F-gassenlogboek. Daarin staan onder meer:
- het soort koudemiddel en de hoeveelheid in de installatie;
- hoeveel er is bijgevuld, en waarom;
- hoeveel er is teruggewonnen of afgevoerd;
- de datum en uitkomst van elke lekcontrole, en welke lekken zijn gevonden en hersteld;
- wie het werk deed: het bedrijf en de monteur, met het nummer van hun certificaat.
De exploitant bewaart de registratie minimaal vijf jaar. Het bedrijf dat het werk voor de exploitant doet, bewaart ook een kopie.
Certificaten
Voor werk aan koudemiddelcircuits heb je in Nederland als monteur een persoonscertificaat nodig en als bedrijf een bedrijfscertificaat. Werk alleen met een geldig certificaat, en zorg dat je meetmiddelen, zoals lekzoekers en weegschalen, gekalibreerd zijn.
Dit artikel is een samenvatting voor de praktijk, geen juridisch advies. Bij twijfel is de tekst van verordening (EU) 2024/573 leidend.